De afspraken die standhouden zijn die waarin de moeilijke gesprekken vóór de conceptie plaatsvonden. Dit zijn de vragen die je samen beantwoordt, op papier, terwijl alles nog hypothetisch is.
Het dagelijks leven van het kind
Waar woont het, en volgens welk patroon? Wie brengt naar school? Welke taal wordt thuis gesproken? Welke school, en wie beslist?
Geld
Wie betaalt wat, in het eerste jaar en in het vijftiende? Wat als een van jullie het inkomen verliest? Wordt er iets tussen de volwassenen betaald, en waarvoor precies? Wie verzekert het kind? En studie?
Geloof en opvoeding
Religie, en van wie. Eten. Schermtijd. Grenzen stellen. Dit klinkt onbeduidend naast de juridische vragen en levert wekelijks wrijving op in plaats van eenmalig.
Gezondheid
Wie beslist over medische zorg, en wie mag in een noodgeval toestemmen? Wat is de medische familiegeschiedenis aan beide kanten, opgeschreven? Wat als het kind ernstig ziek of gehandicapt is — en hebben jullie je antwoord daarop echt hardop gezegd?
De onwelkome vragen
Wat als een van jullie overlijdt? Wie wordt voogd? Wat als een van jullie wil verhuizen — naar een andere stad, een ander land? Wat als een van jullie nog een kind krijgt, met iemand anders? Wat als een van jullie wil stoppen?
De plaats van de donor
Contact: hoeveel, hoe vaak, en wie beslist? Hoe wordt hij genoemd? Komt hij op verjaardagen? Wat weten de families? Wat als hij later méér contact wil — of minder?
Hoe je dit gebruikt
Beantwoord eerst apart, vergelijk daarna. De waarde zit niet in het eens worden, maar in precies ontdekken waar jullie dat niet zijn, op het moment dat die ontdekking niets kost.